Ik wist het zeker, dit keer zou ik huilen. Al weken stond ik stijf van de zenuwen om te vertrekken op het avontuur waar ik al jaren voor spaarde. Elke vibratie in de lucht was al voldoende om een waterval over mijn wangen te laten stromen. Dit had ik nog nooit meegemaakt, dus het kon niet anders: dit keer zou ik wel huilen bij het afscheid!

Eigenlijk huil ik nooit. Ik heb absoluut geen moeite met afscheid. Niet van mijn ouders, mijn zus, niet van de vrienden waar ik mijn hart en ziel aan verloren heb. Ik zeg gedag en ik ga. Of zo zou ik het liefst doen, want meestal zijn de mensen waar ik afscheid van neem minder koudbloedig en hebben ze het wel een beetje lastig. Behalve mijn zus. We zijn duidelijk uit hetzelfde hout gesneden. We houden oprecht van elkaar, maar afscheid nemen van Amelie is appeltje eitje: een schouderklopje, een ‘stel het wel’ en ‘doe geen dingen die ik ook niet zou doen’, nog een goeie knuffel en dat is het. Heerlijk!

Maar goed, met al die spanning zou ik sowieso krokoldillentranen laten op Schiphol Airport. Ik stond dit keer niet alleen voor een grote beproeving, ook mijn mama moest me voor het eerst echt laten gaan (zo ver en zo gevaarlijk!) en dat deed me wel wat.

Maar je hoort me al aankomen: mijn wangen bleven zo droog als de Sahara. Geen traan, geem zweetdruppeltje, helemaal niets. Alleen maar een glimlach van oor tot oor. Teleurstellend, want zo kon ik mijn mama alleen maar zeggen dat ik haar zou missen, maar ook hoopgevend, want het was een teken dat de stress plaats had gemaakt voor naakt enthousiame.

Bovendien was het enorm hartverwarmend dat mijn mama helemaal uit België en mijn tante uit Rotterdam helemaal naar Schiphol waren gereisd om ons uit te zwaaien. Dat was voor mij het teken dat mijn familie me desalniettemin steunt in mijn beslissing om alles in Nederland los te laten en een half jaar te gaan reizen aan de overkant  van de wereld met een jongen die ik nauwelijks langer ken. Misschien zijn ze toch even gek als ik.

Maar gek zijn, doet geen zeer. En duidelijk ga je er ook niet van huilen. Want op 7 november 13u plaatselijke tijd kwam ons vliegtuig van de grond en op stoel 18F zat ik hand in hand met Max te stralen van geluk.

Ben benieuwd wat jij denkt!