Vandaag was zo’n dag waarin ik elke vijf minuten kon zeggen: ‘Dat is nu eens typisch India’ of ‘Dat verwondert me hier niet’.

De dag begon bijzonder aangenaam. We hadden heerlijk geslapen en gedoucht (nee, dat is hier geen evidentie) en checkten om 9:00 zonder problemen uit in ons hotel in Ahmedabad. We hadden twee to-do‘s op ons lijstje vandaag: een postpakketje naar huis sturen en de bus nemen naar onze volgende bestemming, Palitana.

De tuktuk kwam al aangebold toen we net beneden waren. We hadden ‘m besteld met Ola, de Indiase Über. Dat doen we als we écht geen zin hebben om met handen en voeten onze bestemming en prijs uit te leggen. Vijf minuten later scheurden we door de ochtendspits naar het international parcel office. So far so good.

Max had het kantoortje al opgebeld (handig, zo’n Indiase SIM-kaart) dus we waren zeker dat het open was en dat ze pakketten naar Nederland versturen. Maar dan moesten we wel het kantoortje zien te vinden… Het heeft ons meerdere tuktuk’s en telefoontjes gekost om na een uur in een karig straatje in een buitenbuurt te worden afgezet bij het postkantoor dat er absoluut niet als postkantoor uit zag. De drie blaffende zwerfhonden maakten het niet beter.

Maar beoordeel een boek niet naar zijn kaft, en al zeker niet in India. Vaak hebben we het onzekere gevoel van ‘waar zijn we nu weer beland’ maar op een of andere manier komt het altijd goed. Ook nu. Toen we eenmaal binnen waren en beladen met masala thee, water en professionele vragen in verband met de inhoud van het pakket, gingen we achterover hangen. Dit zit goed.

Omdat we nog een paar honderd gram over hadden, bracht een van de jongens (ze zijn in India altijd met vier man voor werk dat we in de Lage Landen alleen zouden doen) naar een winkeltje in de buurt om nog wat masala thee kruiden en chana masala kruiden (Max’ favoriete Indiase gerecht) in te slaan. Ook in de doos dan maar! Onze zes kilogram aan herinneringen en soevenirs van de afgelopen vier maanden werden vakkundig voor onze ogen ingepakt. We moesten ook vakkundig betalen, maar we zijn tenminste zeker dat het aankomt!

Ondertussen begonnen we weer onrustig op onze stoelen te schuiven. Het was immers al 11:00 en we hadden nog steeds niet ontbeten. De honger begon te knagen. Bovendien zou onze bus om 12:30 vertrekken ergens in een onbekend busstation aan de overkant van de stad. En we hadden dus geen tickets.

Ondertussen bleven die Indiërs rustig aan doen en ons sussen dat het goed komt. En het komt ook steeds goed, weten we, maar ons lot elke dag opnieuw overlaten aan India gebeurt nog met duwen en trekken. De westerse manier van zelf regelen en netjes plannen biedt ons iets meer zekerheid.

Tegen 12u15 stonden we met volle maag en tickets in de hand in het busstation. Maar welke bus was de onze? Het is niet altijd leuk om toerist off the beaten track te zijn, want je wordt constant aangegaapt als een aapje in de dierentuin en elke vijf minuten moet je op de foto. Maar soms is het erg handig om de enige blanke in een station vol donkere Indiërs te zijn. Iedereen wil immers je helpen. Iedereen wil je vriend zijn.

Toen Max aan het loket vroeg welke bus we moesten nemen, stonden in een oogwenk vijf bereidwille mannen om hem heen die in hun beste Engels vroegen wat er gaande was en hem alles uitlegden wat ze wisten. Je had het moeten zien. Iedereen praatte door elkaar en ze wilden allemaal het busticket zien. Ondertussen probeerde Max uit beleefdheid naar iedereen te luisteren (ook al wist hij ons platform al lang) en gooide uiteindelijk een paar bedankjes in het rond met een gebeurt-dit-echt?-glimlach. Een prachtig beeld. Ik stond te hard te genieten om te denken aan de camera.

De busrit heeft zes uur geduurd. Niet abnormaal in India. Ook de temperatuur niet. Een verrekte 42 graden. De wind die door de open ramen en deuren (ja, hoor) naar binnen stroomde, bracht niet veel verbetering. Het was van die hete lucht die uit de oven komt als je ‘m net open doet. Volgens de weersvoorspellingen hoeven we in onze laatste weken India geen beterschap (lees: lagere temperaturen) meer verwachten helaas.

En ja, de bus zat vol tot de nok. Mensen, dozen en baggage allemaal lekker dicht bij mekaar. Het raampje aan mijn kant kon niet helemaal dicht. Ik wist niet of dat goed was (zodat er verse lucht binnen kwam) of slecht (omdat er met de hitte ook stof en zand naar binnen kwam). Ik was in een oogwenk van top tot teen vies en doorweekt van het zweet. Enkel mijn broek aan mijn schenen was nog droog. Toen ik lippenstift op wilde doen om mijn gebarsten lippen te beschermen, was die helemaal gesmolten. Het enige drinkwater dat we na een tijdje nog hadden, was heet genoeg om er thee van te maken. En toch… en toch vond ik elke minuut van die zes uur fantastisch. Dus dit is hitte!

Eigenlijk had de rit maar 5,5 uur moeten duren. De bussen (je gelooft het nooit!) vertrekken hier immers altijd netjes op tijd! Maar India zou India niet zijn als er onderweg geen vrachtwagen met groenten was gekanteld en aan beide kanten van het ongeluk de auto’s over de hele breedte van de straat gedromd stonden. De vrachtwagen en goederen waren snel aan de kant, maar niemand kon voor- noch achteruit want de hele weg was geblokkeerd met chauffeurs die geen zin hadden om achteraan in de file te wachten en dan maar op het andere rijvak doorreden tot ze daar ook moesten stoppen. Politie? Nergens te bespeuren.

Aangekomen in Palitana gingen we met tientallen ogen in onze rug op zoek naar een hotel. Zoals (bijna) altijd doen we niet meer aan op voorhand boeken. Er was in de buurt echter maar één hotel die ons wilde aanvaarden. Alle andere plekken waren ‘full’. Beetje lastig als je weet dat het niet waar is (sommige kamers stonden gewoon open en leeg) maar je geen uitleg krijgt waarom. Uiteindelijk kregen we toch een kamer aangeboden én de uitleg waarom buitenlandse toeristen niet overal welkom zijn: het is voor de hoteleigenaar immers een heel gedoe met paperassen, kopietjes, foto’s en langsgaan bij de politie om ons legaal te laten slapen. En zo is het altijd avontuur. En komt het altijd goed.

Onze dag rondden we af met een (weeral) heerlijke Indiase maaltijd en masala thee. Daarna kropen we vroeg in ons nest want om 5:00 ging de wekker weer voor onze pelgrimstocht naar de berg met 900 tempels. Niet dat de tocht de hele dag zou duren, maar geen haar op ons verhitte hoofd dacht eraan om 3800 trappen te doen in de middagtemperatuur van ruim veertig graden!

1 Comment

  1. Leuke lees-ontspanning tussen al mijn wetenschappelijke artikels over programmeren en kinderen #thesis !

Ben benieuwd wat jij denkt!