Van Timang (2400m) naar Talekhu (2720m)

We zouden vandaag en beetje uitslapen (tot 6:30, haha) en iets later op pad gaan. Dat was echter buiten Akal gerekend die vanmorgen om 5:20 op onze deur klopte. Max! Take picture moutain! Heel even dachten we eraan om ons gewoon om te draaien, maar we zijn dan toch maar uit ons warme bedje gerold. En daar was ik erg blij om toen we buiten kwamen.

De brede vallei waar we hadden geslapen was volledig omringd door bergen. Ja ja, geen heuvels, maar reusachtige bergen met witbesneeuwde toppen. Overal. Langs alle kanten. Het was belachelijk mooi! Gisteren hadden we door de wolken en de regen geen mooi ver zicht gehad, maar nu zagen de Manasulu (8156m) in al zijn glorie. De zon kwam op vanachter de indrukwekkende berg, wat een glorieus effect had. De condens van de besneeuwde Manasulu door de warme ochtendzon leek de berg tot leven te brengen, alsof hij ook wakker aan het worden was, net als wij.

Terwijl het spektakel nog gaande was, hebben we onze kleren en slaapzak te luchten gehangen in de zon en in de keuken bij het vuur ons ontbijt verorberd. Uiteindelijk zijn we alsnog pas om 7:30 op pad vertrokken.

We zijn nu vijf dagen aan het wandelen en elke dag was anders. Niet alleen in het stijgen of dalen of de hoogte, maar vooral het landschap. In het begin zaten we vooral in het groen en zagen we overal op de heuvelflanken rijstterrassen. Het was erg idylisch en bijzonder om te zien. Soms zagen we een witte bergtop ver weg in de wolken achter de heuvels.

Nu worden we al door deze prachtige mysterieuze reuzen omringd. We hebben dus al best een grote afstand afgelegd, hoewel we traag wandelen en vaak niet meer dan zes uur per dag. Als we tijdens het wandelen achterom kijken, kunnen we soms in de verte zien waar we een uur geleden waren. Dan zijn we altijd onder de indruk hoe snel het eigenlijk gaat.

Ook hebben we een dag erg dicht bij de rivier gewandeld (dag 4). We hadden de Marsyangdi Nadi al een tijdje vanuit de hoogt kunnen bewonderen, maar het is pas als je er (soort van) langs loopt, zie je pas hoe groot en wild ze is. Gigantische rotsblokken de grootte van een klein huis liggen in de vallei en de rivier buldert er gewoon langs alsof het kiezeltjes zijn. Vooral als je over de suspension bridges wandelt, merk je de kracht van het water. Je wil er echt niet in vallen. Het water is ook prachtig blauw, maar niemand kan ons zeggen hoe dat komt. Mineralen misschien?

Gisteren belandden we plots in een klein bos te midden een oorverdovend krekelorkest. Toen waren het nog loofbomen. Vandaag zagen we onze eerste sparren. Ook is de landschap veel minder groen dan eerst en zien we steeds meer rotsen. Een tiental meter van onze lodge gaat een ‘heuvel’ bijna loodrecht de lucht in. Je breekt je nek als je naar de toppen wil kijken.

Elke dag wordt het ook iets kouder. Gelukkig vonden we vandaag een lodge met een kachel in de eetkamer. Na de ijsdouche konden we ons opwarmen met ons voeten aan het vuur en een pompoensoepje in de hand. Wat een heerlijkheid.

Ben benieuwd wat jij denkt!