Trekking van Bhulbhule (830m) naar Sirung (1864m)

Na een goede nacht en lekkere bananenhavermout namen we om 7:00u afscheid van de reizigers die we gisteren op de bus hadden ontmoet. Zij wilden de klassieke route nemen, maar omdat die tegenwoordig een beetje wordt verpest door bussen en jeeps gingen wij voor de alternatieve route. In plaats van een rustige wandeling door de rijstvelden in de vallei gingen we over een heuvel met uitzicht over de rijstvelden in de vallei.

Wij, Nederlanders/Belgen, noemen het eigenlijk een berg, maar onze gids zei dat het een heuvel was omdat er bomen op staan. Wat is een berg dan, vroeg ik met een lachje? Dát is een berg, wees onze gids achter zich. Daar in de verte tussen de ‘heuvels’ in de wolken torende een gigantisch massieve reus van een berg, helemaal onder de sneeuw. Ondanks zijn grootte had ik hem bijna gemist met zijn witte camouflage in de wolken. Ik zong meteen een toontje lager. Moet ik dáárover?

De ‘heuvel’ die we vandaag trotseerden voelde allesbehalve heuvel op bepaalde plekken. En dat begrijp je vast als ik erbij vertel dat hij 1800m was. Maar de tocht was fantastisch. Halverwege de trekking hadden we een uitzicht van jewelste over de vallei. We waren al zo hoog dat we de mensen beneden op de weg langs de rivier niet meer konden zien lopen. De auto’s konden we met arendsogen nog net onderscheiden. Ik heb er me in het gras geplant en alle bergen en dorpjes die in ons zicht waren op de kaart gezocht.

Eigenlijk namen we best vaak pauze en elke keer opnieuw kwam de kaart boven. Ik vond het interessant om aan de hoogtelijnen te zien wat ons nog te wachten stond. En wat de namen van de dorpjes waren. Ook altijd grapjes en koekjes erbij. Eigenlijk doen we al dit wandelen vooral voor de pauzes. Voor de momenten dat je rustig kan genieten van het ongelofelijke uitzicht en trots wezen van al die meters die je al geklommen hebt.

Na vier uur kwamen we langs een alleenstaand huisje te midden de velden en begon onze gids in het Nepalees te praten met de bewoner. Vijf minuten later zaten we op een matje in zijn ‘tuin’ met een kop melk in onze handen. De goorste melk die ik van m’n leven heb geproefd! Het was buffelmelk met boter en brokken in. Verschrikkelijk zuur. Maar de honger begon te knagen en we verbranden in de komende drie weken sowieso meer calorieën dan dat we er innemen, dus doorslikken die handel! Met dank aan Jelle-Brandt Cortius voor de sliktechniek. Kleine prijs voor deze leuke lokale ervaring. De bewoners waren super lief en nieuwsgierig en de man des huizes had een aanstekelijke lach.

Met hernieuwde energie begonnen we aan onze laatste uren van de tocht. Op het einde moesten we stijl omhoog van een zijrivier tot het dorpje Sirung. Die laatste klim was hels, maar met wat gezucht en gevloek (wáárom hebben we niet de normale route door de vallei genomen?) zijn we er toch geraakt. Uiteraard.

Om 13:00 (ja, best vroeg, maar we waren als sinds 7:00 onderweg, hé) ploften we ons in de plastieken stoelen van onze homestay. Van ons terrasje konden we ons opnieuw vergapen aan de witte reuzen achter de ‘heuvels’. Ik ben enkel nog uit mijn stoel gekomen om te slapen en om mij te warmen bij het kookvuur. Het gezellig onderonsje in de keuken met de gastfamilie is nog zo’n reden waarom we de zwaardere alternatieve route hebben genomen. De Nepalezen zijn een bijzonder vriendelijk volk!

Iets zegt met dat we vannacht erg goed zullen slapen. Morgen vooral dalen, godzijdank.

Ben benieuwd wat jij denkt!